Foo Fighters
Life Of Agony
Body Count – Bloodlust
Elbow – Little Fictions
Metallica – Hardwired
Queens Of The Stone Age
Agenda
22 OKT
Y&t
26 OKT
STUFF
26 OKT
Motorpsycho
27 OKT
Oscar And the Wolf
31 OKT
The Iron Maidens
01 NOV
Heather Nova
03 NOV
Metallica
09 NOV
Kim Wilde
10 NOV
The Mission
14 NOV
Doro
17 NOV
Absynth Minded
18 NOV
Helldorado 2017
21 NOV
Millionaire
25 NOV
John Illsley - Dire Straits
01 DEC
Prozac Henry
01 DEC
Tjens Matic
07 DEC
Threshold
08 DEC
Thurisaz
09 DEC
Jasper Steverlinck
11 DEC
London Grammar
13 DEC
Tinariwen
14 DEC
Isolde
20 DEC
Coely
Fotogalerij
Concert review: Guy Swinnen Band
Concert review: Guy Swinnen Band
Concert review: Alcatraz Pre-show - Kortrijk
Concert review: Alcatraz Pre-show - Kortrijk
Photo report: Rock Zottegem - Zaterdag
Photo report: Rock Zottegem - Zaterdag
Sharon Corr - Concertgebouw Brugge
Sharon Corr - Concertgebouw Brugge
Vestrock 2014 Nl
Vestrock 2014 Nl
Photo report: 10CC
Photo report: 10CC
Photo report: Matt Bianco
Photo report: Matt Bianco
Photo report: SZIGET 2015 - Budapest
Photo report: SZIGET 2015 - Budapest
Diesel Junk - Jc Tranzit
Diesel Junk - Jc Tranzit
Concert review: John Garcia - Gent
Concert review: John Garcia - Gent
Festival report: Alcatraz - Zondag
Festival report: Alcatraz - Zondag
Concert review: Chris Spedding
Concert review: Chris Spedding
Photo report: JX2BIG-APE / Odyssee & Good Company @ Cactus Brugge
Photo report: JX2BIG-APE / Odyssee & Good Company @ Cactus Brugge
Photo Report: Prong
Photo Report: Prong

De Grillen van Gheysen

Bail me out!


 

 

 

Bail me out!

 

Een helgroen grasveld aan de Kortrijkse stadsgrenzen werd in een vingerknip omgetoverd met stalen constructies tot een sacraal gazon voor aanhangers van het hardere genre. Een pretpark voor jong en oud, gevuld met vele kleine en twee grote attracties. Twee bühnes waar veertig hardrock-, stoner rock-, grunge rock-, pyschedelic rock-, heavy metal-, death metal-, thrash metal-, black metal-, gothic metal-, speed metal-, groove metal-, doom metal-, nu metal-, glam metal-, power metal-, sludge metal-, bpost metal-, viking metal-, progressieve metal-, avant-garde metal, industrial metal, San Francisco Bay Area metal-, metalcore- en last but not least hair metal bands. Forse formaties met uiteenlopende carrières afkomstig uit the UK, the US of A, Duitsland, Zwitserland, Nederland, Noorwegen, Zweden, Portugal, Denemarken en ons eigen kleine Belgenlandje. Ondergedompeld in een uitnodigend gevangenisdecor zonder corrupte cipiers. Een muziekfeest badend in ongedwongen kameraadschap beklonken met high fives, fistbumps en puntige metalhorns. Een gezellige sfeer opgehitst door strak gespannen gitaarsnaren en dreunende bassen vanuit de onderbuik. Overgoten met een schuimende waaier aan Belgische bieren en andere suikerhoudende en geestverruimende dranken. Een culinaire keuze uit pulled pork, een inferno burger, frockadel of een wokschoteltje van Mr. Long. Maar bovenal met snoeiharde edelmetalen riffs centraal in de spotlights. Te beginnen met Dyscordia, Evil Invaders, Ghost en Dirkschneider. Gevolgd door King Hiss, Death Angel, High On Fire, Iced Earth, Testament en Saxon. En om af te ronden op zondag hoogdag met UFO, Sacred Reich, Life Of Agony, Trivium, Amon Amarth, Paradise Lost en mijn grote jeugdhelden van Korn. Daarnaast nog heel wat ensembles om te ontdekken tijdens ons penitentiair verblijf op the prison grounds van de Lange Munte. Meer is er niet nodig om een weekend vol leute, plezier en metalvertier van het hoogste niveau met al je zintuigen te beleven.

Alcatraz Hardrock & Metal Festival, het niet zo kleine broertje meer van Graspop en het Tomorrowland voor metalheads, kan beginnen. Bail me out on Monday, around 2:00 AM please.

 

Meer lezen...

Interview: JOANNE SHAW TAYLOR

18 FEB 2017

 

JOANNE SHAW TAYLOR
 

Blues, nothing but the blues

TINY LEGS TIM

In het Nederlands noemen ze deze emotie een dipje, alsof het om iets gastronomisch gaat. In het Frans bekt het wat stoerder. Daar gaat men voor le cafard. Amerikanen en Engelsen prefereren een kleur: the blues. Dit is van oorsprong het melancholische gevoel dat zwarte slaven hadden toen ze zich een bult moesten werken op de plantages. Door het zingen van de blues hoopten ze troost te vinden.
N.a.v. het Blueprint bluesfestival op 26 maart checken we even bij een nieuwe generatie bluesmuzikanten, zowel bij een mannelijk als vrouwelijk exemplaar. Geen van beiden is op een katoenveld geboren maar is blank en jong. Naast hun voorliefde voor hetzelfde muziekgenre hebben ze een drieledige artiestennaam als gelijkenis.

TINY LEGS TIM

Tim, jij hebt West-Vlaamse roots.

Inderdaad, ik ben afkomstig uit het dorpje Westouter in de Westhoek. Hoop en al 1500 inwoners, tegen de Franse grens. Na mijn humaniora studeerde ik biologie in Gent en ben daar blijven plakken.

Waarom koos je muziek als beroep? Geen evidente keuze.

Vanaf mijn elfde heb ik altijd muziek gespeeld. Thuis werd gezegd dat ik eerst mijn studies moest afmaken en werk vinden. Daarna mocht muziek aan bod komen. Op mijn 23ste ben ik zwaar ziek geworden. Een aangeboren probleem met mijn lever. Na de eerste transplantatie volgde er een tweede. Ik ben zes jaar immobiel geweest. Ik beloofde mezelf dat als ik hier door raakte ik me 100% op de muziek zou richten. Momenteel gaat alles goed met mijn gezondheid. Ik neem medicatie tegen afstoting en ben ernstig vermagerd. Maar ik voel me gelukkig. Mijn artiestennaam Tiny Legs Tim is een grappige woordspeling op mijn tengere benen. Je hebt nog artiesten die dit doen zoals Blind Willie Johnson die, nogal wiedes, stekeblind was.

Vanwaar de liefde voor de blues?

Mijn ouders leefden volgens het gedachtengoed van mei ’68. Er werd veel muziek gedraaid thuis: zowel klassiek, jazz als Bob Dylan en blues. Er zaten zes echte bluesplaten, van die obscure, in de collectie. Zoals Lightnin’ Hopkins. Ik vond de sfeer en de klank van die muziek mysterieus en aanlokkelijk. Ondertussen ken ik de geschiedenis van de blues. Vroeger verstond ik geen Engels zodat enkel de muziek naar binnen kwam. Door mijn ziekte raakte ik ten volle gefascineerd door de blues. Ik had dingen om over te schrijven. De minder mooie kant van het leven… Tiny Legs Tim heeft een dubbele bodem. Iets negatiefs omtoveren tot iets positiefs. Ik heb parttime les gegeven maar dat zoog me op. Nu leid ik het leven dat ik wil leven: als muzikant. Weliswaar zonder alcohol en met voldoende slaap. Rock ’n roll, nietwaar.

Je opteert voor Deltablues. Geef eens wat uitleg hierover.

Dat verwijst naar het zuiden van de Verenigde Staten, meer bepaald de Mississipi Delta bekend om zijn katoenvelden, de bakermat van de blues. Eén persoon die zingt én akoestisch speelt. In die stijl zijn de bekendste namen Robert Johnson, Charley Patton en Son House. Een favoriet uitpikken kan ik niet. Ik vind ze elke op hun manier even goed.

Je verzorgde het voorprogramma van enkele grootheden. Tijd voor roddels.

Het concert van Pete Dorothy stelde niks voor. Hij was volledig gedrogeerd. Niemand trok er zich wat van aan. Zelfs zijn tourmanager was er gerust in. Richard Thompson daarentegen is een grappige gemoedelijke man. Hij gaf me complimenten. John Mayall heeft heel mijn optreden bijgewoond en raadde het publiek aan mijn cd te kopen.

In februari komt je nieuwe cd uit.

Mijn vierde plaat is een akoestische geworden in duo met Steven Troch, jarenlang de frontman van Fried Bourbon. We hebben twee dagen live opgenomen in de Yellow Tape studio met één klassieke micro van het merk Melodium. Zonder technische snufjes. Het klinkt eerlijk en bijzonder goed.

Hoe ziet jouw ideale groep er uit?

Aan de drumkit plaats ik Fred Below, Willie Dixon op bas en Hubert Sumlin op gitaar. Little Walter leeft zich uit op mondharmonica. Helaas, al deze muzikanten zijn gestorven.
Mijn band bestaat uit een aantal blanke negers als Frederik Van den Berghe (ex Arno) op drums, Steven Troch op mondharmonica en René Stock of Karel Algoed op contrabas.

Welke anekdote blijft je het meest bij?

Tijdens de opnames van mijn album Stepping Up zaten we vijf dagen met de groep in de studio. Tijdens het uitladen geraakten mijn vingers tussen een van de zware studio deuren. Shit, mijn linkerhand was gezwollen. Ondanks deze handicap hebben we toch opgenomen.

Luister je ook naar andere muziek?

Jawel hoor. Bob Dylan, Neil Young en Leonard Cohen bekoren me zeker. Ik volg ook de zaken van de collega’s. Ik moet toegeven, 90% van mijn aandacht gaat naar blues. Bij de hedendaagse muziek ben ik onder de indruk van Warhaus. Dit is het zijproject van Maarten Devoldere, frontman van Balthazar. Het jazzcombo Taxiwars rond Tom Barman vind ik straf. De Amerikaanse singersongwriter Kurt Vile staat eveneens hoog aangeschreven. Het moet mij raken en genoeg diepgang hebben.

 

Uw favoriete gitaar?

Ik lijd aan G.A.S. wat staat voor Gear Acquisition Syndrome. Het zorgt ervoor dat de spullen die bij de gitaar worden gebruikt slechts van korte duur bevredigend zijn. Er moeten altijd meer attributen of gitaren gekocht worden. Ik beken, ik koop veel gitaren. Maar ik heb er onlangs twee verkocht. Die ene ideale gitaar die alle andere kan vervangen ben ik nog niet tegengekomen.

Wat vind je van het Blueprint bluesfestival?

Het is een mooi samengestelde affiche die redelijk breed gaat. Van de hardere bluesrock tot het akoestische werk. Dat zal heel wat mensen aanspreken. Samen met Steven Troch stel ik er mijn nieuwe cd voor.

Is er nog iets dat je kwijt wilt?

Ik ben zeer tevreden van het parcours van Tiny Legs Tim na de donkere ziekteperiode. Ik ben altijd blijven doordoen. Traag maar gestaag. Ik bruis van de ideeën en heb nog veel om naar toe te werken. Kijk naar onze godfather Roland, 72 geworden. Die blijft verder doen op zijn eigenzinnige manier. Daar neem ik mijn hoed voor af.

JOANNE SHAW TAYLOR (U.K.)

Nog maar 30 jaar en Joanne heeft al zes cd’s op haar palmares. Haar albums staan hoog genoteerd in de US Billboard Top Blues. In 2010 won ze de onderscheiding van beste zangeres bij The British Blues Awards. Het jaar erop haalde ze de prijs als Songwriter of the Year binnen. Joanne speelt zeer expressief gitaar en haar enigszins hese stem past perfect bij de muziek die zij speelt. Stergitarist Joe Bonamassa noemt haar ‘A superstar in waiting’.
Het had wat voeten in de aarde voor we de blonde gitariste aan de lijn kregen. Na diverse mails naar haar manager kregen we haar nummer. Maar… ofwel nam ze niet op, ofwel sloeg de voicemail aan. Uiteindelijk kreeg ik contact via haar roadmanager. Het interview kon plaatsvinden tussen de soundcheck en het avondmaal. Helaas, een buitenlandse gsm-lijn is niet altijd even duidelijk. Op de koop toe spreekt ze met een zwaar Brits accent… en ze heeft weinig tijd. Om dit gitaarwonder, ook wel het nieuwe gezicht van de blues genoemd, te spreken neem ik er de ambetantigheden bij.

Je bent ontdekt door Dave Stewart van Eurythmics. Hoe is dat verlopen?

Ik was pas 16 toen ik hem een cassette overhandigde na een liefdadigheidsconcert. Dave bleek danig onder de indruk. Ik werd uitgenodigd om mee te spelen in zijn supergroep D.U.P. met onder meer Candy Dulfer en Jimmy Cliff. Later stond ik met Annie Lennox op het podium voor zo’n 12.000 toeschouwers.

 

 

Hou je van Let’s Dance van David Bowie?

Sure I do. Het was de zoveelste switch in zijn carriere en het werd zijn best verkochte album. Het zal je niet verwonderen dat ik er gek op ben omdat Stevie Ray Vaughn, één van mijn helden, er leadgitaar op speelt. David had Stevie ontdekt op Montreux Jazz. Op de singles Let’s Dance, China Girl en Cat People hoor je duidelijk Stevie’s zeer herkenbare Albert King-stijl.

Jimi Hendrix is ook één van je favorieten. Vertel.

Zijn debuutalbum Are You Experienced heeft me werkelijk van mijn sokken geblazen. Het nummer Manic Depression staat bij mij op kop. Hendrix schreef de song nadat zijn manager Chas Chandler op een persconferentie verteld had dat Jimi klonk als een manisch depressieveling.

Herinner jij je optreden zo’n 10 jaar terug in een Bredense kroeg vlakbij Oostende?

Oh my god. Neen, dat zegt me niks meer. Ik ben zowat constant aan het toeren en niet alles blijft me bij. Ik ken ook geen Belgische muzikanten want ik speel slechts sporadisch in je land. Voor en na mijn shows schiet er niet zoveel tijd over.

Al je concerten in het Verenigd Koninkrijk zijn uitverkocht. Is dit een gevolg van je verschijning in ‘Later… with Jools Holland’?

Dat heeft ermee te maken. Maar ik krijg ook lovende recensies, mijn cd’s scoren super, collega’s als John Mayall en Stevie Wonder apprecieren me, en ik speel onnoemelijk veel. Zo krijg je faam.
Sorry mate, I’ve got to go. Daar gaat mijn goede reputatie. See you at the festival.

Dirk Ghys

BLUEPRINT BLUESFESTIVAL
-Joanne Shaw Taylor (U.K.)
-Marino Noppe band
-Tiny Legs Tim
-Ed De Smul
zondag 26 maart 2017, 16 uur
cc Zomerloos Gistel, cultuur@gistel.be, 059 27 98 71, € 18

 

Meer lezen...

Interview: Jean - Marie Aerts

05 SEP 2016

 

Gitarist en producer met wereldfaam
 

Jean-Marie Aerts
 

“Oh la la la, Jean-Marie est magnifique!”

 

Jean-Marie Aerts of afgekort JMX is een invloedrijk gitarist en producer. Hij speelde bij Johan Verminnen en Raymond van het Groenewoud maar kreeg vooral bekendheid door zijn rol bij TC Matic en Arno. Als producer scoorde hij internationaal met de debuutplaat van Urban Dance Squad.

Harelbeke ‘84. Na een stomend concert van TC Matic plassen Jean-Marie en ik broederlijk naast elkaar tegen de haag. Plots zie ik het tourbusje richting Frankrijk vertrekken… zonder hun gitarist. Al multitaskend en met open rits loop ik de camionette achterna om dit duidelijk te maken.

Jean-Marie lacht. Hij herinnert zich het voorval niet maar wel het concert. Dat was de ‘Choco’-tournee met Nacht und Nebel als voorprogramma. Tijdens de nachtelijke rit kwam bassist Ferre Baelen met de verzuchting dat hij uit de groep wilde stappen.

 

Als opwarmer: je bent van Zeebrugge. Kom je er soms?

 

Ik woon nu in Brabant en ga zelden naar de kust. Toegegeven, ik mis de zeelucht. Ik heb er nog contact met een goede kameraad.

 

Je vader was arts en je hebt ooit doktersstudies aangevat.

 

Aan de univ in Gent. Dat was totaal niks voor mij. Ik ben gestopt en verhuisd naar Brussel. Chance voor de mensen (lacht).

 

Midden jaren ’70 ging je de baan op met Raymond & Bien Servi. Heb je nog contact met je collega’s?

 

Mich Verbelen en Stoy Stoffelen kwamen onlangs naar een try-out. In Bien Servi verving Raymond me door Jean Blaute. De cirkel is rond, nietwaar. Jean zie ik geregeld.

 

Eind jaren ’70 speelde je bij Johan Verminnen. Was de overstap naar TC Matic een sprong in het ongewisse?

 

Ik had de groep gezien toen Paul Couter er nog bij was met Serge Feys al aan de toetsen. De band pakte me. Couter had er genoeg van. Bij hen voelde ik me als een vis in het water. Ik speelde bij Verminnen tot hij een nieuwe gitarist vond: Eric Melaerts. Voilà, de cirkel is opnieuw rond.
Begin ’80 ging de bal bij TC Matic stilaan aan het rollen met de dubbele single White rhythm opgenomen in Londen. Er was geen enkele platenfirma die ons wilde tekenen wegens oncommercieel. Onze toenmalige manager heeft dan zelf een label opgericht: Parsley (peterselie).

 

TC Matic heeft meer invloed op mij gehad dan The Beatles. Op welke van de vier TC Matic platen ben je het meest trots?

 

Het derde album: Choco. We waren uitstekend op elkaar ingespeeld en verlegden grenzen. Mijn favoriete nummer is Being somebody else.
De daaropvolgende cd Yé Yé leverde, afgezien van de single Elle adore le noir, leverde niet het gewenste resultaat op. We waren wat verward de productie door Howard Gray (Apollo 440). Hou er rekening mee dat het digitale tijdperk nog niet bestond. Welke nummers ervan hoor jij graag?

Afgezien van de single ben ik zot van Act like a dog en Get wet.

 

Choco is de favoriet van Piet Goddaer (Ozark Henry). Alain Tant, zanger van Luna Twist, is verknocht aan je gitaarpartij op de single Willie.

 

(Hoorbaar tevreden) Ook Patrick Riguelle is te vinden voor de gitaar op Willie. Patrick en ik hebben later samen die single live gespeeld. Er zitten verschillende lijnen in het gitaarspel.

 

Waarom brak TC Matic internationaal niet door?

 

Ik vind dat we wel doorbraken. We toerden veel in Nederland, Frankrijk, Duitsland, Scandinavië… Een ervaren management op dat vlak bestond hier nog niet. Via een Engels agency deden we het voorprogramma van Simple Minds. PIL, de groep rond Johnny Rotten, was geïnteresseerd. Die haakten af omdat ze wellicht bang waren dat we hen naar huis zouden spelen.

 

Heb je nog contact met je TC Matic buddies?

 

Het meest met Rudy. We bellen wekelijks om bij te kletsen. Hij drumt nog iedere dag om zijn vorm te behouden. Ik zou begot niet weten waar Ferre uithangt. Met Serge sprak ik onlangs over het gebruik van muziek door Telenet. Met Arno heb ik niet veel contact. Ik kwam hem laatst tegen in 2009 op Theater Aan Zee. Hij was curator en ik mocht er spelen. But, no hard feelings.

 

Kan je leven van de royalties? Ik denk aan Putain putain, Elle adore le noir, Bathroom singer…

 

Je krijgt enerzijds royalties op de platenverkoop. Verwaarloosbaar vandaag. Je hebt anderzijds de auteursrechten omdat je iets geschreven hebt. Dat is oké. Daarmee word je niet rijk maar overleef je.

 

Hoe omschrijf je een producer?

 

Hij is verantwoordelijk voor het eindresultaat. Hij let op de performance van de groep. Hij zorgt dat er binnen het budget gebleven wordt. Hij moet plannen en problemen oplossen. George Martin, de vijfde Beatle, was zelfs meer dan een producer. Daarnaast was hij een begenadigd arrangeur.
Mijn belangrijkste productiewerk was ontegensprekelijk de debuut-lp van Urban Dance Squad. Dat was nu eens een superplaat. Er werd een stap gezet in de toekomst. Mental floss for the globe had een impact op de muziekwereld. Het nummer Deeper Shade of Soul werd een hit in Europa en Amerika. Hun crossover was een originele combinatie van rockmuzikanten met een rapper en een dj. Een frisse mix van hip hop, heavy metal, funk en soul. De lp won een Edison Award en werd door muziekblad Oor uitgeroepen tot beste Nederlandse album ooit. Omdat ze het eerst waren, had de plaat en de groep zonder twijfel een belangrijke invloed op Red Hot Chili Peppers en Rage Against The Machine. Ik ben nog altijd apetrots op mijn bijdrage.

 

In mijn top drie van jouw producties staan Sit On It van Big Bill, Concorde van Jo Lemaire en The Ship van Luc Van Acker.

 

Ik ben blij dat je Big Bill vermeldt. De plaat werd opgenomen in de befaamde Matrix Studio in Londen. Het titelnummer heeft een opgewekte reggae vibe. In het achtergrondkoortje zaten Liza Strike en Barry St.-John. Niet van de minste want ze verzorgden de background vocals op Dark Side of the Moon van Pink Floyd.
Vandaag is een productie moeilijk geworden. Er zijn geen budgetten meer. Nochtans heb je een goeie opname nodig. Ik erger me dood aan het ineenstorten van de cd-markt. Mensen betalen niet meer voor muziek. Bij de bakker betaal je toch je brood. Spotify is een oneerlijk systeem omdat de rechten belachelijk laag zijn. Gelukkig is de vinylmarkt aan een heropleving toe hoewel dat niet veel voorstelt. De klank is tenminste fantastisch.

 

Over naar de gitaristen.

 

Degene die me het meest beïnvloedde, was Jan Akkerman. Simpel, ik kon die man aan het werk zien. Een eigenaardig karakter, tot daar aan toe. In ‘73 werd hij door de lezers van het Engelse muziektijdschrift Melody Maker uitgeroepen tot beste gitarist ter wereld. Nota bene vóór Eric Clapton en Jimmy Page. Hij is niet alleen een technisch hoogstaande gitarist, maar ook eentje die blijft experimenteren met zowel apparatuur als spel.
Eric Clapton ten tijde van Cream vond ik straf. En natuurlijk het natuurwonder Jimi Hendrix. Niet alleen zijn gitaarspel, maar hoe hij een nummer maakte, hoe hij zong, zijn presence… De lp Electric Ladyland, da’s verplichte kost.

 

Verzamel je gitaren?

 

Dat is een misvatting. Ik bezit in totaal 13 stuks, waarvan 3 akoestische met nylon snaren, 2 bassen en 8 elektrische gitaren. Vroeger was zo’n instrument betaalbaar.

 

Naar het schijnt staat je versterker altijd op het maximum.

 

Dat is een andere miskleun. In mijn beginperiode had ik een kleine Fender versterker. Die moest je wel opengooien. Bij TC Matic stond mijn versterker maximum drie kwart open. Ik had wel extra speakers en veel pedalen. Dat zorgde voor power. Ik kan gerust tegenspreken dat ik last zou hebben van doofheid.

Wat is het grootste compliment dat je kreeg?

 

Je gelooft me niet: als de mensen ‘dank je’ zeggen na een optreden.

 

Hoe ben je bij Blaute & Melaerts geraakt?

 

In 2012 werd ik door Jean en Eric gevraagd bij Jazz Bilzen Tribute. Het klikte meteen. We repeteren in de living van Jean. Het is waarlijk een plezier om samen muziek te maken. Daarvoor doe je het. Het zijn aangename heren. We respecteren elkaar. We hebben een paar try-outs achter de rug. We amuseren ons en we worden beter en beter.

Ah ja, de beste Nederlandstalige song? Terug naar De Kust van Maggie McNeal. Ik word iedere maal week als ik het nummer hoor. Dat zijn mijn roots, zeker?

De topgitaristen Blaute, Melaerts en Aerts spelen in Gistel. Gelukkig staat er geen taxushaag aan de achterkant van de Zomerloos. De tijden gaan erop vooruit want er zijn voldoende toiletten backstage. Geen enkele muzikant zal het busje missen.

Bestaat toeval? Toen ik een paar dagen geleden een bericht op Facebook postte dat ik Jean-Marie Aerts geïnterviewd had, gebruikte ik het Oh La La La hoesje. Ik kreeg onverwacht volgend bericht: “De single hoes van Oh La La La heb ik in Berlijn gebricoleerd. Ik woonde er toen in met mijn ex. We waren naar een 3D-film gaan kijken, vandaar het idee. Achteraan staat een zwart-wit zelfportret van ons tweeën met brilletje op. Letters uit de Berliner Zeitung geknipt, logo getekend in Chinese inkt en klaar, 1981.” Danny Willems (fotograaf en Arno’s beste vriend)

 

Dirk Ghys

Wat: Concert Jean Blaute, Eric Melaerts & Jean-Marie Aerts
Wanneer: Zaterdag 5 november – 20u
Locatie: cc Zomerloos Gistel
Info: 059 27 98 71, cultuur@gistel.be
Toegang: € 15 - caféstijl

 

Meer lezen...

Interview: Dyscordia

10 APR 2016

 

Interview met Dyscordia

 

 

Vissen op een Zweeds meer

 

 

De overdaad aan veelkleurige lichtjes en het gillende forevolk was bij onze aankomst in de Kortrijkse binnenstad bijzaak. Om 19.10u stipt hadden we een afspraak met de helft van de nieuwe Belgische metalsensatie van het moment, Dyscordia. We hadden tien kaartjes met thema’s mee om als gespreksonderwerpen naar voor te schuiven. De volgorde werd bepaald door lottrekking. De sfeer backstage was ongedwongen. Guy Commeene (lead gitarist), Wouter Nottebaert (basgitaar) en Stefan Segers (grunts en gitaar) waren op hun gemak en de verwelkoming was hartelijk, waarvoor dank.

 

De Zwaarste Lijst

 

Stefan: ‘We waren eigenlijk te laat en hebben het niet gehoord dat Chthonic Star erin stond. Ik heb de gewoonte om alleen naar de laatste twee uur van de lijst te luisteren. Via verschillende sms’en en berichtjes van vrienden en familie werden we op de hoogte gebracht.’

 

Wouter: ‘We kregen felicitaties toegestuurd en we wisten niet waarom. Gelukkig kun je op de site van Studio Brussel alles herbeluisteren.’

 

Stefan: ‘Er is wel wat actie rond onze notering gekomen. Studio Brussel belde ons op voor een interview wat natuurlijk altijd leuk meegenomen is.’

 

Guy: ‘We waren eigenlijk echt verbaasd dat we erin stonden. Want we hadden met de band geen speciale oproep gedaan om op een bepaald nummer te stemmen. We hebben alleszins geen campagne gevoerd.’

 

Stefan: ‘Je kan altijd wel een paar Belgische bands (Channel Zero, Diablo Blvd., Ostrogoth, Steak Number Eight, Evil Invaders…) verwachten die hoog zullen scoren. Voor de rest verwacht je van eigen bodem eigenlijk weinig groepen dat ze bij de beste zesenzestig eindigen. Het is fantastisch dat er zoveel mensen op ons gestemd hebben. Het bevestigt eigenlijk dat we toch nog niet zo slecht bezig zijn (lacht).’

Wouter: ‘Het is een bewijs dat er toch wel support is voor hetgeen dat we doen. Misschien voeren we volgend jaar wel wat campagne en proberen we alle fans achter één nummer te scharen (lacht).’

 

 

Het Buitenland/De festivalzomer

 

Wouter: ‘Volgende week zitten we in Nederland om te spelen. Altijd leuk.’

 

Stefan: ‘Dat is Dijkrock. Normaal was er nog een optreden aan gekoppeld maar dat is jammer genoeg weggevallen. Deze zomer gaan we naar Duitsland en gaan we proberen om daar nog enkele concerten bij te doen. Met Words in Ruin willen we eerst België en de omringende landen doen en dan zien wat de reacties zijn. We hebben leuke vooruitzichten.’

Wouter: ‘Door onze interviews in Aardschok en Rock Tribune hebben we bij onze Noorderburen al wat meer naambekendheid verworven. We hopen dat Words in Ruin de rest doet maar het blijft hard werken. Een beetje met te keer.’

Guy: ‘Er mogen van ons gerust nog meer optredens gepland worden komende festivalzomer.’

 

 

Dyscordia (in één woord)

 

Stefan: ‘Een zootje ongeregeld!’

 

Wouter: ‘Dat is wel niet in één woord é Fane (lacht).’

 

Guy: ‘Schrijf het anders aan elkaar (lacht).’

 

Wouter: ‘Dyscordia is een beleving, een rollercoaster…’

 

Stefan: ‘Vele bands ontstaan uit een groep vrienden die muziek willen maken. Bij Dyscordia is dat een klein beetje anders gelopen. Guy en Wouter Debonnet, onze drummer, zijn beginnen mensen selecteren niet uit vriendschap maar op basis van ingesteldheid. We zitten alle zes op dezelfde golflengte en dat heeft Dyscordia gevormd tot wat het nu is.’

 

Guy: ‘Dyscordia is ontstaan uit vroegere frustraties. We waren allemaal al lang met muziek bezig en we geraakten er nergens mee. We hadden het gevoel dat we toch beter konden doen. Uit de problemen en frustraties die we in vorige projecten en bands hadden ervaren hebben we geleerd en Dyscordia uitgebouwd.’

 

Stefan: ‘Bij het begin hebben we verscheidene platencontracten voorgeschoteld gekregen. Maar we hebben beslist om dat zelf in handen te nemen met ons eigen label Road Marks Productions. We houden onze boekhouding zelf goed bij. Zo blijft er geen geld plakken bij mensen waar het niet hoort. Alcatraz doet onze bookings en management, Suburban doet de distributie en merchandise is ook in goeie handen. We hebben alles in huis om de toekomst van de band te garanderen.’

 

Guy: Onze volgende plaat moet aan minimum dezelfde kwaliteit kunnen afgeleverd worden, daar streven we naar. Met drie gitaren, onze drukke drummer, de synths en de uiteenlopende vocalen is een goede mix en mastering nodig. Daarvoor zijn we ook twee keer naar Zweden getrokken om alles perfect uit te werken.’

 

Wouter: ‘We willen zonder druk en met gezond verstand onze eigen zaken regelen. Zo kunnen we af en toe ook eens doen voor onze fans en de fanclub. In toekomst gaan we misschien zelfs beginnende bands helpen en ondersteunen.’

 

 

Sacred Soil of Souls

Guy: ‘Dat is een specialeke. We hebben doelbewust gekozen om deze song op de plaat te zetten. Er moest iets bij zijn dat anders was dan de rest. Het idee kwam van Piet Overstijns (zang) die al een heel eind geleden de tekst voor dit lied had gemaakt.

Wouter: Het bekte niet direct om zijn lyrics op een harde gitaarlijn te zetten en in een hard metalnummer te verwerken.’

 

Guy: ‘We hadden verschillende invalshoeken uitgeprobeerd om uiteindelijk alles weer te strippen en bij een akoestisch en vocaal nummer te komen. De riff komt van Martijn (gitarist) en live komt de basgitaar van Wouter erbij. Vanavond gaan we het ook spelen. Ik kan dan samen met Stefan en Wouter (drummer) één gaan drinken of vlug eens naar de wc lopen (lacht).’

 

 

De nieuwe plaat

 

Stefan: ‘De titel is er gekomen door een brainstorm. Het moest passen bij de plaat en meteen aanslaan bij de luisteraars. De nummers en artwork liggen allebei in dezelfde lijn. Het plaatje klopt.’

 

Guy: ‘Het moest catchy klinken! Alles van de plaat werd opgenomen in België en dan verder verwerkt en gemasterd in Zweden door Jens Bogren (Opeth, Amorphis, Paradise Lost, Amon Amarth…). Hij deed ook onze vorige plaat Twin Symbiosis. Een echte krak, fijn om met dit soort mannen samen te werken.’

 

Wouter: We kunnen misschien ook vermelden dat Bogren naast zijn muzikale job ook bezig is met een zijprojectje ‘Fascination Street Sports Fishing’. We mochten tijdens ons verblijf in Zweden ook eens proeven van deze leuke hobby. We zijn met hem een dagje meegeweest om te gaan vissen op een groot meer in de buurt.

 

Stefan: ‘Het was een hele leuke ervaring (toont foto’s op smartphone). Het was machtig om na die twee dagen in de studio eens in de natuur van Zweden te vertoeven. Het was een meer ter grote van West-Vlaanderen.‘

 

Wouter: ‘Op de kaart kun je het wel bijna niet zien liggen (lacht).’

 

Stefan: ‘We hebben niets gevangen maar dat deed er eigenlijk niet toe (lacht).’

 

Wouter: ‘We zijn met drie naar Zweden geweest. Bogren was al een eindje bezig met de mixing. In drie dagen hebben we alle tracks doorlopen tot de plaat volledig kon gemasterd worden door Tony Lindgren (Paradise Lost, Kreator, Katatonia…). Met de rest van de band stonden we dagelijks via Skype in contact zodat zij ook konden mee beslissen over hoe de nummers af moesten klinken.

 

Guy: ‘Die manier van werken liep heel goed. Bogren wil geen studio vol mensen omdat je dan minder vlot kan doordoen. Alle aandacht moet naar de kwaliteit van de muziek kunnen gaan.’

 

 

Album artwork

 

Stefan: ’Ah hier Guy’tje, right up your alley!’

 

Wouter: ‘Guy hier doet trouwens al ons artwork.’

 

Guy: ‘Al van bij Twin Symbiosis proberen we met ons album artwork de verhaallijn van de plaat uit te beelden. Nu hebben we met enkele tips geprobeerd om de hoes commercieel te laten opvallen. Zodat ze tussen een heleboel platen in een cd-winkel opvalt en eruit springt. We hebben heel goed gelet op de kleuren en het concept. Aan de hand van de lyrics die geschreven worden door Piet werd het album artwork samengesteld. Zijn teksten zitten vol tegenstellingen, een harlekijn met verdriet bijvoorbeeld (Harlequin’s Grief). Op de hoes moest er dus ook veel contrast zitten. Een engel met zwarte vleugels op een lichtblauwe achtergrond. En natuurlijk de afbrokkelende ruïnes in de verte die een verwijzing zijn naar de titel.’

 

Stefan: ‘We willen de teloorgang weergeven met toch ergens een tikkeltje hoop in verwerkt.’

 

 

Invloeden/Inspiratie

 

Wouter: ‘We zijn met z’n zessen en we hebben allemaal verschillende interesses. Op muzikaal vlak kan dat gaan van stonerrock tot death metal.’

 

Guy: ‘Vooral Opeth en Nevermore zijn bands die bij alle zes redelijk hoog scoren.’

 

Stefan: Als ik één voorbeeld moet kiezen dan is het Maurizio Lacono van Kataklysm. Zelf heb ik nog nooit geprobeerd om een zanger van één van mijn favoriete bands te kopiëren. Onze inspiratie proberen we ook altijd verder te zoeken dan alleen in muziek. Dat kan uit films, literatuur, het dagelijkse leven, jamsessies samen… Je mag dat echt heel ruim zien.

 

 

Dump: ‘Bedankt voor jullie tijd en veel succes vanavond.’

 

 

 

(BG)

 

 

 

 

 

 

Meer lezen...

Interview: Graham Gouldman - 10CC

15 FEB 2016

 

10cc frontman Graham Gouldman

 

Songsmid pur sang 

 

Met spilfiguur Graham Gouldman bracht 10cc tien studioalbums uit waarvan een goeie 30 miljoen exemplaren over de toonbank gingen. Tien tijdloze singles haalden de hitparade. “Cijfers die tellen,” zou mijn wiskundeleraar gezegd hebben.

 

Gouldman is stichtend lid, bezieler en songschrijver van 10cc. Ik interview Mr. Gouldman om 10 uur ’s morgens. Hiermee ontkrachten we het cliché dat artiesten tot ’s middags in hun vlooienbak liggen. Als introductie vertel ik hem: “Ik leerde je kennen via James Last. De LP Non stop dancing, volume 11, niet stuk te krijgen.” Hij lacht smakelijk.


“Natuurlijk ken ik James Last. Wie niet? De slechtste versie van één van onze songs – I’m not in love – staat zonder twijfel op naam van Petula Clarck. Een discoversie, verdorie. Check het op YouTube. Afgrijselijk en tegelijkertijd om je een breuk te lachen.”

 

Op 19- en 20-jarige leeftijd schreef je 3 hits: For Your Love (The Yardbirds), No Milk Today (Herman’s Hermits) en Bus Stop (The Hollies). Dacht je niet dat je genoeg royalty’s ontving om al te rentenieren?

 

(Zonder aarzelen). Nee! Ik schrijf nooit songs om het geld. Wel omwille van het plezier en om het te doen. Kortom, het is een passie.

 

Vanwaar de naam 10cc?

 

Voorheen heten we Hotlegs en scoorden een hit met Neanderthal Man. Het was producer Jonathan King die afkwam met 10cc. Hij had gedroomd over een wereldbekende groep met die naam. Hij bedacht ook de naam Genesis voor de groep rond Peter Gabriel en Phil Collins. Het verhaal gaat dat 10cc haar naam ontleent aan de hoeveelheid sperma die de gemiddelde man kwijtraakt per zaadlozing (9cc). Aangezien wij net iets meer waren dan de gemiddelde man, moest de naam 10cc worden. Maar, dat is een verzinsel.

 

De meeste nummers zoals Dreadlock Holiday, The Wall Street Shuffle, I’m not in love, Art for Art’s Sake, I’m mandy fly me … schreef je samen met Eric Stewart. Wie schreef de muziek en wie de teksten?

 

Het was een samenwerking, we schreven die samen. Dreadlock Holiday van het album Bloody Tourists gaat over een toerist die in Jamaica doorlopend wordt lastiggevallen door mensen die geld van hem willen. Het verhaal is deels geïnspireerd op de ervaring van Eric Stewart tijdens een vakantie op Barbados. Ik neem de lead vocals voor mijn rekening plus bas en gitaar. Eric zit aan de toetsen. Het nummer werd een wereldsucces.
The Wall Street Shuffle gaat over de economie, de dollar en andere valuta en de teloorgang van het Britse pond. Inspiratie kwam via Lol Creme. We reden na het succes van Rubber Bullets in een limousine over Wall Street. Creme dacht meteen aan de titel Wall Street Shuffle.

 

Ik val nog altijd voor het basintermezzo halverwege I’m not in love.
Thank you very much, my friend.

 

Toen ik 16 was zong ik I’m so in love. Tijdens mijn vakantiejob aan de kust raakte ik tot over mijn oren verliefd op de caissière van de Unic. Helaas, het werd niks.

 

Dat is jammer. I’m not in love is origineel in bossanovastijl geschreven met percussie. But that was crap. Het kwam uiteindelijk in balladevorm uit. Het nummer is befaamd geworden vanwege het veelvuldig dubben van de zangstemmen, nog in het analoge tijdperk. Kevin Godley kwam aandraven met het idee om geen instrumenten te gebruiken maar enkel stemmen. A wall of sound met stemmen, ongeveer 250. Eric verzorgde de lead vocals. We voegden er nog wat toetsen, gitaar en Moog synthesizer aan toe. De stem die fluistert Be quiet, big boys don’t cry komt van onze secretaresse Kathy. Trouwens, wat was de naam van je vlam? (lacht)

 

Voel je op voorhand welk nummer een hit wordt?

 

Helaas niet. Het is onvoorspelbaar. Soms ben je overtuigd dat het een giller wordt en het raakt in de vergetelheid. Het omgekeerde gebeurt gelukkig ook.

 

Heb je nog altijd de behoefte om songs te schrijven?

 

Dit gaat niet over. Ik schrijf voortdurend nieuwe songs. Het is mijn gave, zo ben ik. Het zit in mijn DNA.

 

Is er nog contact met je vroegere kompanen Stewart, Godley & Creme?

 

Met Kevin Godley klikt het nog altijd. Hij is muziekvideoregisseur en maakt clips voor bijvoorbeeld U2, Sting, Eric Clapton… We schreven een album en toerden samen. Een fantastische kerel.

 

Naast muzikant ben je ook producer. Je produceerde in 1981 het album Pleasant Dreams van The Ramones.

 

Jawel. Een leuke ervaring. The Ramones waren wie ze waren. Beleefde gentlemen in leren jekkers en gescheurde jeans. Zowel getalenteerd als origineel, professioneel als punctueel. Jammer genoeg was de rivaliteit tussen Joey en Johnny Ramone al merkbaar. Een dispuut over de muzikale richting en een vrouwenkwestie zoals gewoonlijk.

 

Welke is de meest vreemde plaats waar je optrad?

 

Noord-Vietnam. Ik was daar op trektocht en had een gitaar bij me. Ik speelde nummers rond het kampvuur en de arme plaatselijke bevolking kwam uit hun tent gewikkeld in dekens. Dan merkte ik dorpsbewoners op met verbazingwekkende rode kapsels. Dat was het vreemdste publiek waarvoor ik ooit gespeeld heb. Na mijn optreden liepen ze geruisloos van waar ze gekomen waren. Vreemd, heel vreemd.

 

The Beatles of The Stones?

 

Zonder twijfel The Beatles.

 

Of ga je eerder voor The Beach Boys?

 

Euh, jawel. Wat een stemmen en wat een productie! Zo’n geweldige songschrijvers. Weet je wat? Momenteel draai ik hun cd Smile in mijn wagen.

 

Wat is volgens jou de definitie van een perfecte popsong?

 

Een lied dat je pakt en verbindt, je doet bewegen of huilen.

 

Wat mogen we verwachten van de komende optredens?

 

Voor mezelf wordt dat de camaraderie van een groep en het plezier om met een team vrienden te werken. Het publiek mag zich verwachten aan een hechte en met plezier spelende band. Naast mezelf (bas & zang) staan op het podium PAUL BURGESS (drums, mee op tour sinds het begin), RICK FENN (gitaar & zang sinds Dreadlock Holiday), MIKE STEVENS (sax, keyboards, zang sinds 1999) en MICK WILSON (gitaar, percussie, zang ook sinds 1999). We brengen alle hits aangevuld met een resem albumtracks. Eén song kreeg zelfs een ander arrangement mee.

 

Zoveel is duidelijk, Graham Gouldman is een gentleman. In 2014 werd hij meer dan terecht opgenomen in de Songwriters Hall of Fame. De herinneringen aan de kassierster van de Unic gelardeerd met een James Last soundtrack worden met de spreekwoordelijke mantel der liefde bedekt. We go for the real thing… en hopen van jou hetzelfde.

 

Foto - Interview:

 

Dirk Ghys

 

 

Wat: concert 10cc
Wanneer: zaterdag 27 februari – 20 uur
Waar: cc Zomerloos Gistel
Toegang: 28 euro
Info & reservaties: cultuur@gistel.be of 059 27 98 71

 

Meer lezen...

Interview: Marcel Vanthilt

21 DEC 2015

 

Hyperactieve tweeduizendpoot


Marcel Vanthilt

 

Je hebt van die mythische spreuken. Zo hing er in het toilet van mijn grootmoeder - een respectabele vrouw - een bordje met Doe stille voort. Nog zo’n gezegde is Arbeid adelt: van hard werken word je een beter mens. De Arbeid Adelt! waarover we het hier hebben is een opmerkelijk muzikaal trio. Duizendpoot Marcel Vanthilt, vooral bekend van zijn tv-werk, neemt de teksten en de zang voor zijn rekening. Grafisch ontwerper Jan Vanroelen zorgt voor de elektrobeats. Luc Van Acker speelde gitaar bij Shriekback en het controversiële Revolting Cocks. Het nummer Zanna van zijn solo-lp The Ship werd een klassieker.
Arbeid Adelt! start in 1981 heel opvallend. Hun eerste concert, in het voorprogramma van Fad Gadget, duurde welgeteld 7 minuten: de a- en b-kant van de single Ik sta scherp.

 

Ik interview Vanthilt omwille van drie redenen. Hij is de frontman van de groep. Ik heb hem al een paar maal eerder ontmoet. En hij is een Facebook vriendje. We zijn beiden mee met onze tijd.

 

Marcel, gezien jouw tempo aan activiteiten, slaap je eigenlijk wel?

 

Jawel, ik slaap goed en vooral ’s nachts. Gemiddeld zeven uren. Hoe ik al mijn bezigheden gerealiseerd krijg? Simpel, door die één na één te doen.

 

Hoe zou jij Marcel Vanthilt omschrijven? Je mag Fuck you antwoorden.

 

Shit, dat begint hier goed. Het is verdomd moeilijk om dat over jezelf te zeggen… (stilte). Dit is een mooie typering: Marcel Vanthilt is altijd met iets bezig.

 

Eind jaren ’70 presenteerde je op de vrije radio FM Bruxel het programma Met een stijve naar het front.

 

Dat was samen met Dominique Deruddere. FM Bruxel was een grote stadsradio. We draaiden new wave maar ook zaken als John Cale en The Residents. We kraamden veel onzin uit. Eigenlijk was het een soort Leugenpaleis, een kolderprogramma. We waren interactief met de luisteraars bezig en verzonnen spelletjes. Eén ervan was om ter snelst spreuken omgekeerd aframmelen. Hilarisch.

 

Wat was jouw aandeel in TC Matic, de legendarische groep rond Arno?

 

Tja. Ik heb het einde van Tjens Couter meegemaakt. Paul Couter wou meer bluesrock. Arno ging voor meer hoekige muziek. Jean-Marie Aerts werd aangetrokken en zo onstond TC Matic in 1980. Arno vroeg me op een bepaalde nacht in een Brusselse dancing of ik bij hen lichtman wou zijn. Zo trok ik twee jaar op met TC Matic, tot en met hun tweede lp. We toerden in Denemarken en Zweden met een gamel busje. De beginperiode van de groep was hard. Ieder concert startte met lauwe reacties, maar halverwege de set stond de zaal in vuur en in vlam. Ik ben gestopt omdat Arbeid Adelt! succes begon te krijgen. Mijn functie werd overgenomen door Danny Willems, vriend en huisfotograaf van Arno.

 

Eén van je projecten waren The Yéh Yéhs. Jullie deden toen een try-out in De Kreun.

 

The Yéh Yéhs hebben inderdaad daar getry-out want daags nadien speelden we op het Seaside festival in De Panne. Wij, dat waren: Hugo Matthysen (gitaar), Bart Peeters (drums), Peter Celis (bas) en ik (zang). The Yéh Yéhs zijn onstaan op een verjaardagsfeest. Het was in feite eenmalig. Toch hebben we zo’n 40 concerten verzorgd die zomer. We brachten een hele goede single uit: The 7 kings of rock ’n roll.
Dat concert in De Kreun blijft me bij. Bart Peeters was te geweldig geweest en had de dag nadien een ontsteking aan zijn arm. Hij moest cortisone nemen. Het scheelde niet veel of we konden niet optreden. Dat was Seaside ‘86. Man man man… na ons stonden The Ramones, een mytische groep.

 

Ik vertel hem dat ik ooit The Ramones rond gevoerd heb in mijn Citroën CX, een voiture die lichtjes omhoog gaat bij het starten. De gitarist riep vol verwondering: “Wow, a French car.” (Marcel lacht uitbundig)

 

Van ’87 tot ’90 kon je aan de slag bij MTV. Hoe ben je daar binnen geraakt?

 

Heel toevallig. Op café in Brussel hoorde ik dat ze op zoek waren naar presentators. Ik heb hen een videoband met staaltjes van mijn tv-werk bezorgd. En ik kon naar Londen. Het was een heel leuke periode. Allemaal internationale sterren. Glamoureus.

 

Erna woonde je vier jaar in Amerika. Waarom denk je dat je het er niet gemaakt hebt?

 

Ik kon daar werken en verblijven omdat ik destijds getrouwd was met een Amerikaanse. Ik heb het er niet gemaakt omdat ik te Europees was. Ik heb het geprobeerd en veelvuldig gesolliciteerd. Maar, je moet er van boven in geraken. Mijn kennissen waren tekenaars en cartoonisten. Niet de juiste relaties. Ik had ook geen management. Enfin, het is niet gelukt.

 

Welk tv-programma dat je presenteerde is je favoriet?

 

Naast MTV, zonder twijfel de reeks Villa Vanthilt. Het was echt live, het programma kon niet stopgezet worden. Het vond plaats zowel binnen in ‘de villa’ als buiten. Er werden verschillende steden aangedaan. Mooie herinneringen.

 

Wat heb je met Oostende?

 

Het is een stad aan zee. Zelfs buiten het hoogseizoen is het er nog levendig genoeg. Oostende blijft ook in de winter een stad: winkels, cafés, galerijen, musea… Tijdens het laagseizoen heb je het voordeel gemakkelijker een parkeerplaats te vinden. Ik vertoef en leef graag in een stad.

 

Welke muziek staat er bovenaan je lijstje, zowel Belgisch, internationaal als specifiek Nederlandstalig?

 

Voor de vuist weg wat betreft Belgische muziek: TC Matic, Soulwax en Mauro. Ook Stromae heeft heel wat in zijn mars. Van TC Matic blijft Willie Willie één van mijn lievelingen. En uiteraard Viva Boema (patatten met saucissen) omdat ik voorkom in dat nummer: “Viva Marcel et les mademoiselles”. Het zit zo, ik speelde een soort van vriendinnencoach voor Arno. Hij had een lief zitten, maar was ondertussen backstage iemand anders tegen het lijf gelopen. Dus moest ik het eerste lief bezighouden, terwijl hij in het hotel met een andere bezig was. Haha… Voor alle duidelijkheid, iedereen die wat te maken had met TC Matic wordt vermeld in Viva Boema. De dubbele single met White Rhythm blaast me nog altijd van mijn sokken. Het begint met een eenvoudige ritmebox met dan die fantastische keyboards erboven op.

 

In de categorie internationale muzikanten zet ik Wire bovenaan, samen met Talking Heads. Niet te vergeten de samenwerking tussen opperhoofd David Byrne met Brian Eno, te horen op My life in the bush of ghosts. De groep Television staat ook bovenaan met hun klassieker Marquee moon.

 

Bij het Nederlandstalige werk vind ik Spinvis geweldig. De Jeugd van Tegenwoordig, een Nederlandse rapformatie, weet me enorm te bekoren dankzij hun heerlijke teksten. En de niet te evenaren Drs P. Ik zal er nog een Vlaming aan toevoegen: Flip Kowlier. Hoewel ik niet alles van zijn West-Vlaamse teksten versta, heb ik grote bewondering hoe hij speelt met taal. Alles zit juist. De muziek, de cadans… Luister maar eens naar Mama nowo homme hon (we kun ier toch niet bluven stoan).
Spontaan beginnen Marcel en ik het refrein te zingen.
Heerlijk.

 

Welk werk van Arbeid Adelt! behoort tot je persoonlijke voorkeur?

 

Onze allereerste single Ik sta scherp en eerste lp Jonge Helden (ze moeten sterven), in een sublieme productie van Jean-Marie Aerts (gitarist van TC Matic). De meeste van die nummers staan nog op onze set-list. Op eenvoudig verzoek spelen we zelfs Roodborstje. Eigenlijk is dat een kinderliedje, een cover. Het nummer staat op naam van ene Thomas Bayly en werd zelfs gecoverd door Glenn Miller. En gij nu: jouw favorieten?

 


Marcel, zonder nadenken: De man die alles noteert (met een Parker pen). Nogal wiedes voor een interviewer.

 

Tijd om over te schakelen naar Arbeid Adelt!.

 

Momenteel doen we veel interviews en we zijn stevig aan het repeteren. De apparatuur is verbeterd. Oude synthesizers als een Korg zijn terug beschikbaar in een betere versie. Retromodellen werden geüpdatet. Je zult merken dat onze nieuwe plaat Slik – de titel moest kort en krachtig zijn - meer uniform is qua geluid. Al zeg ik het zelf, er staan straffe nummers op de nieuwe cd. De recensies zijn zeer positief. De opnames van het nieuwe werk zijn heel vlot verlopen. We waren alle drie enthousiast. Live brengen we natuurlijk ook nog ons ouder werk want dat klinkt nog altijd fantastisch. We zijn tevreden dat we terug de baan op gaan en doen dit met heel veel plezier. Nu duik ik het repetitielokaal in. Jan Vanroelen en Luc Van Acker zitten anders met hun vingers te draaien.

 

 

Ik denk terug aan mijn grootmoeder. De spreuk Doe stille voort gaat niet op voor een Duracell konijn als Vanthilt. Gelukkig maar.

 

Review + foto: Dirk Ghys

 

 

Arbeid Adelt!
cd-voorstelling voor West-Vlaanderen
voorprogramma: Ex-RZ (ex Red Zebra)
zaterdag 16 januari – 20 uur
cc Zomerloos Gistel
reserveren: cultuur@gistel.be of 059 27 98 71
 

Meer lezen...

Interview: Axelle Red

02 SEP 2015

 

Interview: Axelle Red
 

Populaire zangeres met het hart op de juiste plaats

 

Bestaat toeval of niet? Voor ik naar het werk vertrok, werd op Radio 2 volgende schlager uit de jaren 70 gespeeld:
Meisjes met rooie haren, die kunnen kussen, dat is niet mis.
Meisjes met rooie haren, kunnen je zeggen, wat liefde is.
Ja ja ja… ‘

De Limburgse juriste Axelle Red staat met meer dan 5 miljoen cd’s en singles in de Top 25 van bestverkopende Belgische muziekartiesten. Ze draagt het hart op de juiste plaats want vanaf 1997 is ze vrijwillig ambassadrice van Unicef. Als moeder van drie dochters slaagt ze erin dit te combineren met haar succesvolle zangcarrière.
Na Bob Dylan en Arno ontving ze in Frankrijk de belangrijke culturele onderscheiding Chevalier dans l'Ordre des Arts et des Lettres.

Ik mocht de wereldster om 9.30 uur ’s ochtends interviewen en kreeg daarvoor het gsm-nummer van haar manager. Na een halve liter sterke koffie ben ik nog zenuwachtiger. Ik besluit het erop te wagen, vergeet mezelf voor te stellen en te vragen of ze nog in kamerjas rondloopt. Het ijs breken met small talk helpt altijd:

Heb je last van ochtendhumeur?
Helemaal niet. Ik ben een ochtendmens. Ik ben verplicht vroeg op te staan want naast mijn job heb ik ook een gezin. Je treft het met mijn humeur.

Mick Ronson, gitarist en rechterhand van David Bowie, kwam je in 1985 opzoeken in Hasselt.
Inderdaad, een man met een geweldige staat van dienst. Hij wou met mij in zee op basis van een democassette en mijn stemgeluid. Zijn platenlabel zag een samenwerking echter niet zitten. Een ingewikkelde historie. Ik heb geen contact meer met hem gehad want kort daarna werd hij ongeneeslijk ziek.

Je werkte samen met een indrukwekkende lijst van muzikale grootheden. Om er enkele te noemen: Isaac Hayes (Shaft), Steve Cropper, Stephan Eicher, Albert Hammond, Charles Aznavour… Heb je met sommigen nog contact?
Het zijn allemaal indrukwekkende artiesten en ongelofelijke muzikanten. Ik hou er mooie herinneringen aan over. In 1998 zong ik bijvoorbeeld een duet met Youssou N’Dour voor enkele millioenen tv-kijkers bij de opening van het wereldkampioenschap voetbal. Het contact is vooral op professionele basis. Met Stu Kimball, de gitarist van Bob Dylan, is er een vriendschappelijke band blijven bestaan. Ook met Willy Weeks, bassist bij Eric Clapton.

Vertel wat meer over die muzikale grootheden.
Met sommigen heb ik getoerd. Het is me te doen om de muzikale klik. Niet voor de vedette, want het zijn soms grote ego’s. Met bepaalde heb ik contact. Voor alle duidelijkheid, ik zie ze niet wekelijks. Steve Cropper, gitarist bij Booker T & MG’s, heb ik graag. Dit zijn talentvolle mensen. Er is een duidelijke wisselwerking bij de studio-opnames. Ik ben altijd onder de indruk van hun muzikaliteit. Maar het zijn mensen, gewone stervelingen met goede en minder goede karaktertrekken.

Je meest succesvolle duet zong je met Renaud.
Dat klopt. Dat was het geëngageerde Manhattan-Kaboul. Uitgebracht in 2002 in de naweeën van de 11 september aanslagen en de oorlog in Afghanistan. Renaud is een half-god bij onze zuiderburen. Het lied werd een dikke hit. Alleen al in Frankrijk gingen er meer dan een half miljoen singles over de toonbank. Het nummer werd gecoverd door Joan Baez.

Op welke Franse muziek ben je zelf gek?
Om er enkele te noemen: Michel Berger - de overleden echtgenoot van France Gall -, Charles Aznavour, niet te vergeten Joe Dassin, uiteraard Jacques Brel - wat een teksten! - en Serge Gainsbourg die muzikaal heel breed gaat.
Tekstueel heb ik een zwak voor de Franse taal. Muzikaal word ik eerder beïnvloed door Amerikaanse muziek.

Hoe verklaar je jouw keuze voor de Franse taal?
Dat is eerder toevallig. Ik heb de taal in mijn jeugd geleerd. Bij ons thuis werd er geregeld Frans gesproken. Mijn eerste cd Sans plus attendre was Franstalig en erg succesvol. Het album was een schot in de roos en haalde zowel in België als in Frankrijk platina. Vandaar dat ik de ingeslagen weg verder bewandelde. Ik hoop iets nieuws aan het Franse chanson bij te dragen. Bijvoorbeeld door de mix van francofone teksten met een Amerikaans geluid.

The States! Je hebt een boontje voor soulmuzikanten. Wist je dat Marvin Gaye in Moere gewoond heeft?
Nee, helemaal niet. Ik ben ervan op de hoogte dat hij in Oostende verbleef. Ik moet zeker eens die villa op de Moerdijk bezoeken.

Tijdens je nieuwe tour speelt Wigbert akoestische gitaar. Hoe kom je bij hem terecht? Een kleurenwissel van ebbenhout naar rode lokken?
(Lacht uitbundig). Ik ken Wigbert al lang. Kort na het verschijnen van zijn hitje Ebbenhout blues heeft hij twee nummers voor mijn debuutalbum geschreven. We hebben contact gehouden. Hij is een uitzonderlijk goede akoestische gitarist die soul en americana kan vermengen. Hij is bovendien uitstekend in arrangementen. Eigenlijk had ik aanvankelijk Bill Withers (Ain’t no sunshine) in gedachten.

Je staat bekend om je engagement ondermeer in Azië. Ken je de Tuol Sleng gevangenis in Cambodja? Bij de overledenen hangt een foto van iemand die op Joe Dassin lijkt.
Ik kwam al op voor Vietnam en Cambodja toen de grenzen nog gesloten waren. Ik heb mijn hart verloren in Azië en Afrika. Iets meer in Azië omwille van het culturele aspect. Ik heb dat gruwelijke schooltje in Phnom Penh bezocht. Dat blijft in je kleren hangen. Ik wist niet dat die langharige Australiër per ongeluk met zijn boot aanmeerde in Cambodja en dacht in Thailand te zijn. Daardoor tekende hij zijn doodsvonnis. Wat een akelige toevalligheid: hij werkte in mijn branche, meer bepaald als roadie voor een Australische band.

Je cd Sisters & empathie heeft geëngageerde teksten.
Dit was bovendien mijn eerste Engelstalig album. De teksten gaan zowel over empathie als sadisme. Dat is een deel van de mensheid, een nadeel van de intelligentie die de verkeerde kant opgaat. Ik ben er lang ongelukkig door geweest. Ik probeer me te fixeren op het goede van de mens. Eén procent bestaat uit psychopaten, zes procent uit helden.

Je vader, advocaat Roland Demal, was jarenlang schepen van sport in Hasselt voor de VLD. Heb je dezelfde overtuiging?
Ik ben een sociaal-democratische liberaal die neigt naar de partij D66 in Nederland. Ik ben heel sociaal voelend maar sta erop onafhankelijk en vrij te zijn. Ik vind bijvoorbeeld president Obama een fantastische figuur.

Ik heb me laten wijsmaken dat je Westvlaamse roots hebt.
Inderdaad, mijn moeder is afkomstig uit Ieper. De kattenstoet is mij welbekend. Zonder twijfel, de grootste en beste patatten komen uit West-Vlaanderen.

Ik zag je ooit op een benefiet voor Amnesty International een cover brengen van Que pasa.
(duidelijk welgezind). Was je erbij? Ik ben een grote fan van TC Matic en Arno. Evenzeer van The Clash. Ik hou van veel muziekstijlen. Ik val voor goede teksten, vooral in het Frans. Teksten die iets te vertellen hebben en waar er met woorden gespeeld wordt.

Even overschakelen naar het niveau van de rioolpers. Ben je effectief roodharig?
Mijn haar is geverfd. Op de cd Sisters & empathy zie je mijn natuurlijke kleur. Ik ben al langer roodharig dan anders. Mijn dochters kennen mij zo. En het rood past bij mij.

Ik wou nog wat meer vragen stellen over Parijs, haar onderscheidingen, de keuze van de muzikanten… Maar dan zegt ze plots dat ze weg moet. Na meer dan een half uur komt er een abrupt einde aan het gesprek. In ieder geval kijkt ze uit naar het concert in Gistel. Ik bedank haar uitvoerig en val hierbij enkele malen over mijn woorden.

 

Toen ik de telefoon neerlegde, spookte die schlager terug door mijn hoofd:
‘Meisjes met rode haren, kunnen je zeggen, als je ze kent,
of je de grote liefde, de grote liefde voor altijd bent. ‘

 

 

(Dirk Ghys)  

Foto: Dirk Ghys

Meer lezen...
Page 1 of 2
Goto page: [1], 2,