Rawdriguez - Asylum Of The Arcane
Novelists Fr
Stake – Critical Method
King Hiss - Earthquaker
Opeth – In Cauda Venenum
Tool - Fear Inoculum
Agenda
11 APR
Simple Minds
12 APR
Paaspop
14 APR
TaxiWars
16 APR
Parkway Drive
19 APR
Lamb Of God
23 APR
Bon Iver
25 APR
Compact Disk Dummies
30 APR
Nick Cave
15 MEI
Arno
15 MEI
Masters of Reality
17 MEI
Waregemse Metal Day
24 MEI
W-Festival
05 JUN
Marky Ramone's Blitzkrieg
07 JUN
Vestrock
10 JUN
Rammstein
14 JUN
Best Kept Secret
17 JUN
Green Day
18 JUN
Eric Clapton
21 JUN
Hellfest
21 JUN
TW Classic
27 JUN
Rock The Night
27 JUN
Grensrock
05 JUL
Rock Werchter
09 JUL
Iron Maiden
19 JUL
Zwarte Cross
09 AUG
Alcatraz
09 AUG
Voltage festival 2020
08 SEP
Elton John
19 OKT
Peter Hook
29 OKT
Kensington

The odd man

The Almighty Cornholio


 

 

“My people are without TP for their bungholes”

 

Uiteraard heb ik deze maand terug veel materie om over te schrijven. We herbeleven als mensheid terug een beetje de hoogdagen van de pest, maar dan met wifi. We staan voor een ongekende situatie met ongekende gevolgen en waarvan de fallout onmogelijk te voorspellen is. Wat wel te voorspellen is, is het lot van de Britse en Nederlandse regering, die het lumineuze idee hebben om met de helft minder IC bedden dan in België, de kaart van de groepsimmuniteit te spelen. They are f*cked! Hier zal ik het echter niet over hebben. Ik zou ook een hele ‘rant’ kunnen geven over de vele debielen die in Sluis wat gingen flaneren of lockdownfeestjes bijwoonden en hoe zij er voor zullen zorgen dat dit alles veel erger zal zijn en langer zal duren. Maar ook hierover zal ik het kort houden. Onthou wie de ‘zakzetters’ zijn! Dan kunnen we ze na afloop deporteren naar idiootland!

 

Tijdens deze Covid-dagen zien we op het nieuws evenveel solidariteit rondvliegen als lege beloftes in verkiezingstijd. Op zich wel prachtig, want we kunnen het gebruiken. Maar wat me verkracht in mijn poepenholleke is de steun voor de zorgsector met de witte lakens en het handjesgeklap. Hoewel ik de attentie apprecieer, wuif ik dit cadeau weg als kousen onder de kerstboom. Ik ben verpleegkundige. COVID-19 of niet, ik doe gewoon mijn job zoals van mij verwacht wordt. Toen de regering echter vergaande besparingen doorvoerde in onze sector, zodat ik en mijn collega’s nog meer worden uitgerokken dan het voorvelleke van een tiener en wij met de witte woede massaal op straat kwamen, was er helemaal geen geklap of witte vlaggen. We konden amper op steun of begrip rekenen. Wanneer beslist werd om op een klein facet van het cultuurbudget zestig procent te besparen, zag je plots overal partieel geel gekleurde smoelboek profielfoto’s opduiken. Daarbovenop alle BV’s op straat en hopla! Ze krijgen meer aandacht dan de peuter die zich op de grond gooit in “den Aldi”. Maar wanneer een cruciale sector kreunt onder de besparingen gaan we dat negeren als de bedelaars aan de ingang van diezelfde Aldi. Wie zich niet kan inbeelden wat een besparing in de zorg kan teweeg brengen, moet nu maar eens kijken naar Italië en Spanje. 

 

Terwijl iedereen de verpleegkundigen met veel toeters en bellen een hart onder de riem steekt, moeten mijn collega’s na hun shift lege rekken aantreffen in de winkel, dankzij een bende hamsters die overduidelijk met de schijt zitten. Gelukkig kan er toch nog opvang geregeld worden vanaf 8u30, zodat de vroegdienst om 6u45 al op de dienst kan zijn voor de overdracht door onze nachtcollega’s. Overal op straat zien we onze medemens lopen met mondmaskers aan, als steunbetoog voor het tekort aan beschermend materiaal in de zorgsector. En als dat nog niet genoeg is, breken ze ook nog eens in in de auto’s van thuisverpleegkundigen om mondmaskers te stelen. Gelukkig mogen we dan thuis komen en horen dat de buren een lockdownfeestje geven om ons er aan te herinneren dat het nog lang zal duren.

 

Graag wil ik nog zeggen dat de helden niet enkel in de zorgsector werken. Ik ontspan na het werk graag met een dagelijkse portie Youtube en ben de medewerker van Telenet enorm dankbaar om mij te helpen met mijn internetstoring. Ik ben de kassiersters en rekkenvullers van de supermarkt dankbaar zodat ik nog eten kan kopen voor mijn gezin, alsook de transportsector om het daar te krijgen. Ik ben de vele mensen die mondmaskers aan het naaien zijn dankbaar. Ik ben de kinderopvang van mijn dochter dankbaar zodat ik kan gaan werken. Ik ben de politie dankbaar om de grenzen te sluiten en de achterdeur-café’s op te sporen. Ik ben de mensen die plichtbewust thuis blijven dankbaar. Kortom: we zijn allemaal helden, en dat mag ook eens gezegd worden. En als je dan toch iets wil doen om de zorg te helpen, denk dan goed na voor je het stemhokje in gaat in plaats van te applaudisseren. 

 

Nog een laatste woordje voor de klagers onder ons: we zijn allemaal moe, we hadden allemaal sh*t gepland en we hebben het allemaal lastig. En voor al die hamsterraars, party people en cafégangers: Go F*CK yourself!

 

This is The Odd Man saying: Man ik mis de McDonald's.

Meer lezen...

Interview Avatar

13 NOV 2014
Interview Avatar


 

Avatar interview

 

Naar het schijnt zijn Scandinaviers goed in metal. Een van deze exponenten blijkt Avatar te heten. Niets te maken met een of andere oosterse godsdienst, wel met wat je denkt. In 2001 gestart als een eerder klassieke melodische metal band, zijn Johannes en co intussen geëvolueerd tot een heuse melodische technische death ’n roll ensemble met de nodige show en parfums. Ik mocht zanger en bezieler Johannes Eckerström interviewen. Tijdens het interview een ietwat frêle sympathieke knul, om later met een heus alter ego het podium te bestijgen. Johannes kon netjes in het Zweeds vertaalde vragen uitpikken. Je zal maar eens familie hebben die in hetzelfde dorp woont.

 

Hoe komt heavy metal in het landelijke Lindome? (Nabij Göteborg)

 

Omdat metal nu eenmaal landelijk is! Niet dat we geen keuze hadden, maar van alle jeugdculturen en subculturen leek metal het meest voor de hand liggende. Zeg maar rebellie tegen die eeuwig durende Hillbilly cultuur in Zweden. Het is moeilijker om in pakweg Berlijn te starten met een metal band dan in het landelijke Lindome.  In  het nabije Kungsbacka, waar je schoonbroer woont, valt er nog minder te beleven. Je kan niet anders dan naar Göteborg trekken om iets op te snuiven. Ik heb daar als jonge snaak ooit eens AC/DC mogen zien.

 

Hoe schrijf je jouw songs? Start je met een tekst, een idee, of als een gitarist – je startte met een Mexican Fender Telecaster – met een rif?

 

Eigenlijk was ik als snaak een piano en een trombonespeler, redelijk klassiek dus. De puberteit vroeg achter een gitaar. Nu start ik eerder met een tekst, maar  ook in samenspraak met de anderen een mix van alles. Trouwens, ik verkocht ooit die gitaar en nu wil ik dat verdomde ding terug.

 

Is het schrijven van nummers van anderen en van elkaar stelen, of is er een ‘Big Brain’ die alles beslist?

 

Zoals ik al zopas vertelde, zijn we geïnspireerd door elkaar. Er komt iemand aanzetten met iets, en als iedereen er van houdt, pikken we dit op. Vandaar de eeuwige angst dat, als we iets hebben, het al eens ergens zou kunnen bestaan. We doen liever aan het betere jatwerk, zoals bijvoorbeeld een reggae baslijn transponeren naar een heuse metalriff. Een beetje creativiteit kan geen kwaad. Ik zou eerder iets van Bach of Bob marley stelen dan van Judas Priest. Je kan moeilijk Breaking the Law herschrijven in een gelijkaardig  genre.

 

Waarom ‘ something in the way ‘?

 

Was gestart als B-kantje. We hadden even studiotijd over en the Ramones moesten het afleggen tegenover Nirvana. Niet voor Cobain hoor, we zijn enorm gefascineerd door Dave Grohl. Daarbij, iedere metalband covert een metalnummer, vaak met wat ironie. Wij deden iets anders en dan nog eens serieus.

 

Als iggy Pop naar de bank gaat, is hij duidelijk James Osterberg. Enkel op het podium is hij zijn alter ego Iggy. Kan dit een verklaring zijn waarom je op het podium make up en een outfit draagt?

 

Je doet me denken aan Alice Cooper. Je bent op het  podium iemand anders, maar toch dezelfde. Denk aan The Dice Man. Iedereen sprokkelt ikjes, maar je blijkft dezelfde. Nu ben je ander ikje als je mij interviewt. Vanavond ben je een ander ikje als je tegen je vrouw praat. Niets fake dus.

 

Ben je religieus?

 

Je lijkt op een leraar godsdienst! Ik ben ook leerkracht geweest. Zweden is wat moeilijk. Als je religieus bent, moet je overdrijven.  Next!

 

Hoe belangrijk zijn jullie clips? Ze zijn gewoonweg briljant en zeer goed geproduced!

 

Zie het als een totaalconcept. Ik streef ernaar om de muziek, het imago, een clip als allemaal onderdelen die van het geheel meer maken dan de som van die delen. Pure Gestalt dus.

 

Geef eens advies aan Steak Number 8.  

 

Goeie band. Veelbelovend. Leg de lat hoog en neem je vak ernstig. Zoek een eigen identiteit is plaats van anderen te willen nadoen. Vergelijk je dus niet met een andere band. Repeteer tot vervelens toe en zorg dat je net iets beter bent. En vooral, wees eerlijk, ook met jezelf. Identiteit en eerlijkheid zullen altijd overleven. We zijn niet Mili Vanilly, hé.

 

En je spreekt zo zacht, en nochtans heb je een misthoorn van een stem!

 

Je speelt ook wat gitaar, jij, hé? Je kan maar spelen als je oefent, constant oefent. Dit is wat ik doe met mijn keelgat, jong.

 

Nu worden we wel onderbroken zeker! De sympa zal zich direct transformeren in een eerder clowneske podiumgig en toch zichzelf blijven.

 

 

Even later stalkt Johannes het podium met een geschminkte kop, een hooghoed, lederen handschoentjes en een heuse stok. Hij verkent het podium en dirigeert zowaar het publiek. Gitarist Tim Öhrström en Jonas Jarlsby, samen met  bassist Henrik Sandelin, openenen de show, want dit is het wel, door unisono hun afro en andere kapsels cirkelgewijs rond te draaien terwijl drummer John Alfredsson in een waas van rook gehuld zat.  

 

We krijgen dus een portie metal in ons strot geramd met de nodige bombast en theatraliteit. Clown Eckerström nam even zijn hoed af en zette  “Torn Apart” in. Intussen hitste hij het volk verder op met zijn staf, dronk uit een vreemde beker en bracht zijn metalcircus naar een climax.

 

Een resem fans stonden mee te springen alsof hun leven ervan afhing. Drie kwart van het vrouwelijke gedeelte gingen volledig mee, terwijl hun mannen de zekerheid van den toog verkozen, bij wijze van spreken dus. ‘Dying to see you dead’ mokerde het best. Het publiek bleef geduldig en enthousiast wachten en meeschudden tot de clown zijn zogezegd persoonlijke en eigenzinnige show afgewerkt had. Ideale show, maar niet bijster origineel. Toch wel succesvol, ophitsend en redelijk fantastisch, ideaal voer voor de kenners en fans. Something in the way werd achterwege gelaten.

 

(LVK)