The Night Flight Orchestra
The Sore Losers - Gracias Senor
Soulfly – Ritual
Behemoth - I loved You At Your Darkest
Editors - Violence
Avenged Sevenfold - The Stage Deluxe edition
Agenda
25 JAN
Persistence Tour 2019
28 JAN
Monster Magnet
31 JAN
Massive Attack
03 FEB
Behemoth
05 FEB
Parkway Drive
06 FEB
Ghost
09 FEB
Mastodon
16 FEB
Steel Panther
16 FEB
Game expo 1UP
20 FEB
Tears for Fears
02 MAA
Neneh Cherry
08 MAA
Doro
08 MAA
The Sore Losers
13 MAA
Betizfest 2019
22 MAA
Whispering Sons
22 MAA
Unearth
28 MAA
Deus - Triggerfinger
02 APR
Rhea
09 APR
Giorgio Moroder
10 APR
In flames
10 APR
Eriksson Delcroix - Antler King
18 APR
All Them Witches
22 APR
Novastar
23 APR
Paaspop 2019
04 MEI
Headbangers Ball Fest
22 MEI
Deus
28 MEI
Trixie Whitley
02 JUN
Vestrock 2019
09 JUN
Hello Festival
16 JUN
Metallica
18 JUN
Tool
23 JUN
Graspop 2019
23 JUN
Hellfest 2019
30 JUN
Werchter 2019
14 JUL
Sjock 2019
14 JUL
Bon Jovi
11 AUG
Alcatraz 2019
13 AUG
Sziget 2019
22 OKT
Angie Stone
Fotogalerij
Photo report: Joe Bonamassa
Photo report: Joe Bonamassa
Brussels Summer Festival (22/08)
Brussels Summer Festival (22/08)
Photo report: Wovenhand
Photo report: Wovenhand
Rootsnacht - De Casino St-Niklaas
Rootsnacht - De Casino St-Niklaas
ABBA Gold Evenementenhal Schiervelde - Roeselare
ABBA Gold Evenementenhal Schiervelde - Roeselare
Photo report: EMP Persistance Tour 2016
Photo report: EMP Persistance Tour 2016
Concert review: Chris Spedding
Concert review: Chris Spedding
Photo report: Schippersweekend 2015 - 11-13 September
Photo report: Schippersweekend 2015 - 11-13 September
Deep Purple - Lotto Arena Antwerpen
Deep Purple - Lotto Arena Antwerpen
Concert report: Ks Choice
Concert report: Ks Choice
Photo report: Admiral Freebee Xl
Photo report: Admiral Freebee Xl
Photo report: Muzikale dinsdagen - Ieper
Photo report: Muzikale dinsdagen - Ieper
Photo report: Frietrock 2018
Photo report: Frietrock 2018
Photo report: P'latse doen 2015
Photo report: P'latse doen 2015

The odd man

Een dikke zoen van je achterlijke Kapoen


 

“Liefste peter, hoe meer dat je geeft hoe beter, geef je niets … wel dan zal ik je later niet veel bezoeken in het rusthuis”

 

Ik herinner me nog goed nieuwsjaarsdag in mijn bescheten kindertijd. Ik lig moe in de zetel omdat mijn wettelijke voogden mij veel te lang lieten opblijven om oudejaarsavond te vieren. De dieren zijn net terug genormaliseerd nadat marginale Noord-Fransen ons bombardeerden met goedkoop Chinees vuurwerk. Opa is er nu pas van overtuigd dat het daadwerkelijk vuurwerk was en geen nieuwe Duitse invasie. Moeder loopt over gestresseerd rond terwijl ze tegen iedereen roept uit angst dat ze niet op tijd zal klaar zijn. En dan het geluid dat de chaos aankondigt: ding-deurbel-f*ck-dong. Opa en oma, meters en peters, tantes en nonkels, … Ze zijn allemaal aanwezig in ons bescheiden middenstandskasteel om het nieuwe jaar al drinkend en vretend in te zetten. Een beetje zoals de week voordien, maar dan met goedkope champagne en minder cadeautjes. En dan komt het moment waar wij allen evenzeer naar uit keken als het volgende tandartsbezoek: het voorlezen van de nieuwjaarsbrief! “Please kill me”

 

Daar sta je dan moederziel alleen voor een oger-achtig leger van half aangeschoten volwassenen. Je enige wapen is een dom, samen geknutselde kroon of toverstaf met daarop uw nieuwjaarsbrief. De rijmende, geconstrueerde rommel die meer weg heeft van ordinaire, literaire diaree is vol trots door juf Ann samengesteld en wij krijgen de eer om dit voor te lezen samen met de bijhorende gebaren en/of dansjes. Na deze helse beproeving komt de magere financiële beloning van opa en oma. Amper genoeg om een paar snoepen mee te gaan kopen. Zelfs niet voldoende voor een pakje Pokémonkaarten! Pure afzetterij als je het mij vraagt! Wij hadden in die tijd meer recht op protest voor deze onderbetaling van onze jeugdige kunsten dan de ‘gele hesjes’ tegenwoordig het recht hebben! Maar wij zijn geen autostrades beginnen afzetten hoor! Dat mocht niet van de mama en de papa, veel te gevaarlijk. Dus slikten wij dit onrecht zoals ‘Hot Marijke’ de volledige ‘Erolife’-beurs in 2012 moest slikken met haar pijpmarathon. En terwijl de hele familie zich aan het volproppen is gaan we verder naar de volgende helse laag in Dantes nieuwjaars diner: de goede voornemens.

 

Het is geen toeval dat de psychiatrische ziekenhuizen van ons kleine landje een plotse stijging van bezette bedden kunnen waarnemen in januari, voornamelijk te observeren op de ontwenningsafdelingen. In het Kruidvat zien we plots lege rekken waar ooit de pseudo-geneeskundige medicijnen stonden die je zogezegd helpen met afslanken. Er is een boost in reclamespotjes op de televisie van Nicorette en Basic-fit en TLC doet een marathon van ‘My 600-lb Life’. Na een maand of twee zie je ze echter, fietsend op de hometrainer, hun vette reet vol nicotinepleisters, al dromen van het worstenbroodje die ze als beloning achterna zullen binnenwerken. De meeste van die arme stakkers houden het dus niet langer vol dan een maagds eerste vrijbeurt met zijn sokken. Na talloze opeenvolgende jaren van falen, moet men het misschien eens over een andere boeg gooien. Daarom stem ik voor een meer paradoxale aanpak. Laten we de raad van Sandra Bekkari opvolgen: nooit meer diëten! In plaats het risico te lopen op anorexia met die belachelijke shakes en crash-diëten, gaan we voor een all-you-can-eat Maggie style. Dat resulteert dan misschien in genoeg gewichtstoename om in aanmerking te komen bij meneer de plastische chirurg. Dan is dikke tante Maggie toch nog eens geringeld in haar leven. Verder kan ik voor de niet-rokers onder ons ook nog een oplossing bieden. Ze noemen sigaretten niet voor niets ‘thin sticks’ hoor! Wanneer dit allemaal geen soelaas brengt kan je nog naar de fles grijpen, om al je zorgen weg te drinken. Een goede coma af en toe doet wonderen!

 

Daarmee eindig ik graag deze nieuwjaarsboodschap. Nog een laatste tip: Heb je zelf goede voornemens voor dit jaar? Goed voor jou! Hou ze voor jezelf, niemand is geïnteresseerd.

 

This is The Odd Man saying, “Hopelijk kan ik nog elf maanden vullen met zulke zever”.

 

Meer lezen...

Interview: Wannes Capelle

25 JUN 2018
Interview: Wannes Capelle


 

Geen metaalmoeheid

bij Wannes Cappelle
(Het Zesde Metaal)

 

Het interview heeft wat voeten in de aarde, een subtiele verwijzing naar de single ‘Dag zonder schoenen’.
Na tien mails met het management prikken we eindelijk een datum. “Dit lijkt op Mick Jagger allures,” zeg ik lachend. “Hopelijk vertonen we geen uiterlijke kenmerken,” repliceert Wannes. Geen slecht woord over The Stones, maar zijn ouders hebben hem genoemd naar Wannes Van de Velde.

 

Het Zesde Metaal werd opgericht in 2005. Knack riep de debuut-cd ‘Akattemets’ uit tot meest onderschatte plaat van 2008. ‘Het kan verkeren,’ voorspelde Bredero want ondertussen zijn twee gouden platen een feit.

 

Ik toon hem een exemplaar van de Gintergazet en voeg eraan toe dat het interview nadien een eigen leven leidt via muziekwebsites als Musiczine. Jean-Marie Aerts genereerde zo 1 300 extra lezers en Cockney Rebel meer dan 1 700. Beeld je in, dat zijn 35 autobussen. “Dan gaan wij voor 2 000,” antwoordt hij kurkdroog.

 

Zijn groep Het Zesde Metaal krijgt wat mij betreft de Nobelprijs voor meest originele groepsnaam. Je kunt het de best geoliede band van het moment noemen. Het zijn stuk voor stuk supermuzikanten en het klikt. De camaraderie kan je van hun gezicht lezen. Het geheim? Ik vermoed dat ze na ieder optreden samen onder de douche staan. Zo belanden we naadloos bij de ecologische klassieker van André Van Duin: ‘Samen in bad. Ja, gezellig is dat. Het brengt je aan de kook en spaart nog water ook… ‘

 

Om de ijsbreker van wal te laten, haal ik een cd van onder het stof.

 

Herinner jij je Old Dog Yet?

 

Waar heb je dit op de kop getikt? Tjonge, dat was mijn allereerste cd. Ikzelf aan de elektrische piano en op zang. Eigen Engelstalige nummers, een instrumental en twee covers: ‘Hallelujah’ van Leonard Cohen en ‘Suds & soda’ van dEUS. Inderdaad, een sobere pianoversie. Ik herinner me niet dat Tom Barman me ooit bedankt heeft.

 

 

Ik zie je zelden nog achter de toetsen zitten.

 

Na mijn studies aan Studio Herman Teirlinck ben ik overgeschakeld van piano naar gitaar. Dit laatste instrument heeft minder barrière, je kunt meer bewegen. Het is een goedkope oplossing. Voor € 200 heb je al een redelijke gitaar.

 

Wanneer ben je overgeschakeld naar het West-Vlaams?

 

Ik kan je dat exact zeggen. Augustus 2001 toen ik Flip Kowlier bezig zag op het folkfestival van Dranouter. Eigenlijk kon je me al een figuurlijke Obelix noemen die in een vat Willem Vermandere gevallen was. De overdosis Vermandere die ik kreeg in mijn jeugd en de invloed die hij had, is gewoon niet te schatten. Ik ben niet de nieuwe Willem. Dat is nooit mijn ambitie geweest. Maar als ik een deel van zijn oeuvre opzet, denk ik altijd: “Dit is zo goed gemaakt, zo goed geschreven. Een taalvirtuoos.” Dat wordt onderschat. Maar Kowlier trok me over de streep.

 

Droom je van een internationale carrière?

 

Dat is mogelijk, zelfs in het West-Vlaams. Neem nu de IJslandse groep Sigur Ros. Je verstaat geen fluit van hun teksten en toch breken ze wereldwijd door. Om het internationaal te maken, moet je meer moeite doen. Het is geen noodzaak voor mij. Je bent dan veel meer onderweg, weg van thuis. Op de koop toe zit ik de laatste tijd om geen werk verlegen, integendeel.

 

Eigenlijk ben je begonnen als cabaretier.

 

Dit project ontstond in De Kreun in Bissegem, samen met Dries Helsen. Als duo wonnen we de publieksprijs op Humorologie 2002. Mijn eerste nummer in het West-Vlaams, ‘Cowboy en Indiaan’, dateert uit die periode. Vier jaar lang traden we op als Wannes en Dries. In principe mocht je aan de Studio Herman Teirlinck niet optreden na de lesuren maar ze lieten het oogluikend toe. Na die vier jaar moesten we een nieuwe voorstelling maken om af te studeren. Er waren allerlei regeltjes: dit en dat mocht niet. Daarbovenop had je de dwang van de lach. Toen besloot ik om volop voor de muziek te gaan.
In De Kreun heb ik ooit een cursus djembé – je weet wel, zo’n Afrikaanse vaastrommel die aardig op de zenuwen kan werken - gevolgd. Vergeet niet te noteren dat ik naast acteur, scenarist, zanger, toetsenist en gitarist ook een gediplomeerd djembé-speler ben.

 

Naast muziek en teksten schrijf je mee aan scenario’s.

 

Inderdaad, ik was coscenarist voor de succesvolle serie Bevergem. Bart Vanneste alias Freddy De Vadder geloofde keihard in het opzet. De kans dat dit tot een goed einde kwam, was miniem. Het werd uiteindelijk een fantastisch proces en op de koop toe een succesverhaal. Ik speelde Wantje, een onzekere wijkagent. Wist je dat het onbekende woord ‘nurfen’ dat in de reeks gebruikt werd, het tot het meest gegoogelde woord van 2015 schopte. Er komt helaas geen vervolg op de serie. De spontaniteit zou verdwenen zijn.
Momenteel schrijf ik aan een nieuwe tv-reeks. Daar mag ik nog niks over vertellen.

 

Is een zekere filantropie je niet vreemd?

 

Eén van de nummers op ‘Calais’, ons laatste album, draagt de titel ‘Onderbemand’. Ik schreef het nummer voor Buddywerking Vlaanderen, waar ik peter van ben. Deze werking koppelt vrijwilligers aan mensen met een psychische kwetsbaarheid, om hen uit hun sociaal isolement te halen. Een buddy is geen wonderdokter, wel iemand die z’n hand uitsteekt en zegt: “Laten we met z’n tweeën iets doen”. Dat verandert levens, zowel dat van de vrijwilliger als dat van de persoon met psychische problemen. Beiden hebben iets aan de Buddywerking, ze maken elkaars leven waardevoller.
Ik citeer hierbij graag professor Dirk De Wachter. ‘Hoog gevoeligheid vormt niet het probleem maar veeleer ongevoeligheid.’ Onze maatschappij is niet aangepast aan mensen met psychische aandoeningen.

 

Laten we het hebben over ‘Ploegsteert’, jouw succesnummer bij uitstek.

 

Ik schreef dit nummer in opdracht van het Wielermuseum in Roeselare. Ze vroegen aanvankelijk om ‘My way’ van Frank Sinatra te coveren, het favoriete nummer van Frank Vandenbroucke. Ik maakte een nieuw lied gebaseerd op zijn biografie. Lach niet, naast djembé speler was ik ooit Belgisch kampioen triatlon. Ik moest vaak trainen en zo heb ik Frank persoonlijk gekend. Tijdens zijn trainingen in het zwembad van Menen kwam VDB vaak meezwemmen.
Je zou kunnen stellen dat Frank aan een bipolaire stemming leed. Het was alles of niks, komen of gaan. Hij bleek zeer bevlogen in zowel goede als slechte dingen. Je moet eens zijn biografie lezen: ontroerend door de openheid en het zelfinzicht.
‘Ploegsteert’ is op één avond geschreven. Het moment dat ik de zin bedacht ‘Ge waart nog kind, ge ving nog nie veel wind’, dacht ik: “Wow, nu ben ik vertrokken.”
Het nummer slaat aan want 16.500 Radio 1-luisteraars stemden erop en zo werd het koploper in de ‘100 op 1’. Mijn pensioen lijkt verzekerd.
En zeggen dat we het nummer eerst niet op de plaat zouden zetten…

 

Hoe ga je te werk?

 

Ik zet me aan de piano of neem mijn gitaar en begin te improviseren. Ik neurie of zing en laat de woorden komen. Ik laat alle remmen los en ga erop door. Eigenlijk ga ik op zoek naar het kind in mezelf. Zo kom je op dingen die je niet met je verstand bedenkt maar met gevoelens. Ik zat eens aan de piano met mijn neefje van 3 jaar op mijn schoot. Het was verbazingwekkend hoe hij meedeed. Hij heeft nog geen enkele filter. Zoals Picasso zei: ‘Ieder kind is een kunstenaar. De moeilijkheid is er een te blijven als je groot wordt.’
Ik denk hierbij aan het nummer ‘Ier bie oes es ‘t goed’. Dat is gelijk een beeldhouwer met een stuk steen. Het zit erin, nu nog kappen. Zo kwam de zinsnede ‘Zoe ze gediend zin met een kartje?’ als een spontane vondst.

 

Mijn parrain heette Henri en had van die menten voor de asem.  Als hij er eentje nam, kon hij die na twee uur van onder zijn tong halen. Vertel eens over jouw ‘Arrie’.

 

Eigenlijk heette hij ook Henri maar iedereen zei Arrie. Hij was niet mijn peter maar mijn directe buur. Wij woonden in nummer 16, hij in 14. Eigenlijk zat er nog een bewoner tussen op 15. Dat was aan de overkant. Zoals wel meer voorkwam in deze streek was Arrie vlasbewerker. Een intelligente man die niet gestudeerd had. Zeer godsvruchtig. Hij deelde in de kerk de boekjes rond en stak de kaarsen aan. Ik was de zoon die Arrie nooit gehad had. Een wijze mens. Als hij over iemand niks goed kon zeggen, dan zweeg hij er liever over.
Toen ik aan de Erasmushogeschool studeerde, werd Arrie opgenomen in de kliniek. Door mijn studies had ik niet veel tijd om afscheid te nemen. Maar ik heb een liedje voor hem geschreven dat hij nog gehoord heeft voor zijn dood.

 

Krieg ik nu min mente voor den asem?
'k Zitte zonder van mie 't haasten.
De laatste keer ip strate a' j' mie nie herkend.
Ik zeie ‘Dag Arrie’. Gie zei ‘Wien es die vent?’

 

Dat lijkt me een mooi verhaal om af te ronden. Een laatste vraag: wat heb je gedaan met de twee gouden platen?

 

Eentje hangt boven de vier wasmanden in het waskot omdat ze past bij de kleurtinten. De andere zit nog in de verpakking.

 

Met nummers als ‘Naar de wuppe’, ‘Calais’ of ‘De vrede’ kan je Het Zesde Metaal een ethisch verantwoorde groep noemen. Ze staan achter het goede doel, drinken koffie van de Wereldwinkel en… douchen samen. Al was het maar voor het milieu.

 

Dirk Ghys

 

Het Zesde Metaal
voorprogramma: Higher Octane
vrijdag 6 juli 2018 om 20 uur

toegang € 5
info 059 27 98 71 of [email protected]